Loonheffing terugvragen na een baanwisseling: zo voorkom je dat je geld misloopt

Persoon die loonstroken en jaaropgaven doorneemt aan een bureau

Je hebt net je eerste loonstrook van je nieuwe werkgever ontvangen en het nettobedrag valt flink lager uit dan je had verwacht. Vervelend, maar niet ongewoon. Wie in de loop van een jaar van baan wisselt, betaalt bijna altijd te veel loonheffing. Dat komt niet door een fout van je werkgever, maar doordat twee werkgevers elk afzonderlijk rekenen alsof jij het hele jaar bij hen in dienst bent. De heffingskortingen worden dan dubbel toegepast, of juist niet op de juiste manier verrekend, en het verschil betaal jij. Gelukkig kun je dat geld terugkrijgen via de aangifte inkomstenbelasting, maar dat gaat niet vanzelf.

Herken het probleem aan je loonstroken

Elke werkgever berekent loonheffing op basis van je jaarsalaris bij hem. Werkgever A dacht dat je het hele jaar €36.000 zou verdienen. Werkgever B, waar je halverwege naartoe bent gegaan, dacht hetzelfde. Samen hebben ze dus belasting ingehouden over een fictief jaarsalaris van €72.000, terwijl je in werkelijkheid op €36.000 uitkwam.

De signalen op je loonstrook zijn concreet. Kijk naar de kolom ‘ingehouden loonheffing’. Als die bij je nieuwe werkgever in de eerste maanden ongewoon hoog lijkt ten opzichte van je bruto loon, is dat een rode vlag. Zie je ook dat je heffingskorting bij beide werkgevers wordt toegepast? Dan heb je sowieso te veel betaald en moet je dat corrigeren.

Stap 1: Verzamel je jaaropgaven

Je hebt twee jaaropgaven nodig: één van je oude werkgever en één van je nieuwe. Beide zijn beschikbaar via de salarisadministratie of het portaal van je werkgever. De jaaropgave over het afgelopen jaar verschijnt doorgaans in januari of februari.

Ontbreekt er één? Neem dan direct contact op met de HR-afdeling of salarisadministratie. Ben je bij een klein bedrijf weggegaan en krijg je geen reactie, meld het dan bij de Belastingdienst. Zij kunnen je helpen met wat er in het systeem staat. Wacht in ieder geval niet af tot het aangifte-deadline loopt tot 1 juli van het jaar volgend op het belastingjaar.

Stap 2: Bereken zelf het verschil

Je hoeft geen accountant te zijn om een ruwe schatting te maken. Tel de twee bruto-inkomens op uit je jaaropgaven. Zoek dan in de actuele belastingtabel op welk tarief op jouw totale inkomen van toepassing is. Vergelijk dat met wat er in totaal is ingehouden. Het verschil is een indicatie van je teruggave.

Concreet voorbeeld: stel je verdiende €18.000 bij werkgever A en €20.000 bij werkgever B. Totaal: €38.000. Bij dat inkomen betaal je in de eerste schijf een tarief van 36,97 procent (het tarief voor 2026 inclusief premies volksverzekeringen). Als er in totaal €16.000 aan loonheffing is ingehouden maar je op basis van €38.000 slechts €14.000 had moeten betalen, dan krijg je €2.000 terug. Deze berekening is een schatting. De aangifte bepaalt het exacte bedrag.

Stap 3: Log in op Mijn Belastingdienst

Ga naar mijn.belastingdienst.nl en log in met DigiD. Kies voor ‘Aangifte inkomstenbelasting’. De Belastingdienst vult een deel al voor je in op basis van gegevens van werkgevers, pensioenfondsen en banken. Maar controleer altijd of beide jaaropgaven al zijn ingeladen. Het komt regelmatig voor dat de gegevens van een ex-werkgever ontbreken of pas later binnenkomen.

Vergelijk de ingevulde bedragen nauwkeurig met je eigen jaaropgaven. Staat er een bedrag in dat niet overeenkomt? Pas het handmatig aan. Vertrouw niet blind op de vooringevulde versie.

Stap 4: Vul de gecombineerde inkomsten correct in

Hier gaat het het vaakst mis. In de aangifte voeg je beide dienstverbanden samen onder ‘loon uit dienstbetrekking’. Je voert ze niet als twee losse posten in via aparte werkgeversvelden, maar je telt het totale loon bij elkaar op en doet hetzelfde met de totaal ingehouden loonheffing.

De valkuilen zijn concreet:

  • Loonheffingskorting die bij beide werkgevers is toegepast. Dat mag alleen bij één werkgever tegelijk. Was die bij allebei aangevinkt, dan moet je dat in de aangifte corrigeren. Je vult de heffingskorting in zoals die daadwerkelijk is toegepast en de Belastingdienst verrekent het resterende verschil.
  • Een extra uitkering zoals een transitievergoeding of dertiende maand die je over het hoofd ziet. Die staan ook op de jaaropgave en horen mee in de berekening.
  • Vakantiegeld dat apart is uitbetaald bij vertrek. Ook dat telt als loon en staat op de jaaropgave van je oude werkgever.

Stap 5: Dien de aangifte in en houd de status bij

Na het indienen krijg je een bevestiging met een aanslagnummer of referentienummer. Sla dat op. Zodra de aanslag is opgelegd, zie je in Mijn Belastingdienst het betalingskenmerk. Dat heb je nodig als je ooit contact opneemt over de status.

Teruggaven worden doorgaans binnen drie maanden uitbetaald als je vóór 1 april hebt ingediend. Daarna kan het iets langer duren. Vul je bankrekening altijd zorgvuldig in en controleer of het IBAN correct staat bij de Belastingdienst. Een tikfout daar zorgt voor een vertraging van weken.

Wanneer een voorlopige teruggave slimmer is

Wacht je liever niet tot na het belastingjaar? Dan kun je ook een voorlopige teruggave aanvragen via Mijn Belastingdienst. Dit is interessant als je midden in het jaar van baan wisselt en al ziet dat je structureel te veel betaalt. De Belastingdienst betaalt het verwachte bedrag dan maandelijks of in één keer uit, nog tijdens het lopende jaar.

Dit is vooral zinvol als je een substantieel bedrag verwacht terug te krijgen en dat liever niet een jaar laat ‘vastzetten’ bij de fiscus. Nadeel: als je het te hoog inschat, moet je later bijbetalen. Wees dus realistisch in je schatting.

Als je werkgever al een salarisverrekening heeft toegepast

Sommige werkgevers, met name grotere bedrijven, passen aan het einde van het jaar een eindejaaraanpassing toe. Ze herberekenen de loonheffing over het hele jaar bij hen en verrekenen het verschil in de decemberloonstrook. Check of dit het geval was bij je nieuwe werkgever.

Staat er in december een positief bedrag bij ‘correctie loonheffing’ of ‘eindejaarsafrekening’, dan heeft je werkgever al een deel teruggegeven. Neem dat correctiebedrag mee in je aangifte, anders vraag je dubbel terug. De jaaropgave van die werkgever klopt in dat geval al, want de correctie is daarin verwerkt.

De veelgemaakte fout: loonheffingskorting bij twee werkgevers

Dit verdient extra aandacht omdat het verrassend vaak fout gaat. De loonheffingskorting mag je maar bij één werkgever tegelijk laten toepassen. In de praktijk vergeten mensen dit aan te passen bij een nieuwe werkgever, of de salarisadministratie zet het standaard aan.

Wat kost dat? Bij een modaal inkomen kan dit oplopen tot enkele honderden euro’s die je aan het einde van het jaar moet terugbetalen in plaats van terugkrijgen. Geen ramp, maar wel een onaangename verrassing. Controleer nu al of de heffingskorting bij je huidige werkgever staat ingeschakeld en bij je vorige werkgever niet meer van toepassing was in de periode dat je er al weg was.

Heb je het toch dubbel gehad? Geen paniek. In de aangifte zie je de gecombineerde situatie en de Belastingdienst berekent automatisch wat je terugkrijgt of nog moet betalen. Er volgt geen boete, alleen een correctie. Loonheffing terugvragen na een baanwisseling werkt in beide richtingen: je kunt ook een nabetaling verwachten als de korting te royaal is toegepast.

Wie dit jaar van baan is gewisseld, heeft een goede kans dat de belastingdienst geld terugstort. Verzamel de jaaropgaven van beide werkgevers zodra die beschikbaar zijn, controleer of de loonheffingskorting maar bij één werkgever is toegepast en doe aangifte via Mijn Belastingdienst. Meer is er niet voor nodig. Het geld staat dan meestal binnen een paar weken op je rekening.

Laatste blog berichten