Pensioen: meer dan alleen een spaarpot

man in red jacket standing beside woman in blue jacket

Vraag tien mensen wat pensioen voor hen betekent, en je krijgt waarschijnlijk tien totaal verschillende antwoorden. Voor de één is het de droom om in een camper door Europa te trekken, voor de ander gewoon een rustige moestuin en tijd met de kleinkinderen. En er zijn er ook genoeg die eerlijk toegeven: “Ik denk er eigenlijk nooit over na.”

Dat laatste is misschien wel het meest herkenbaar. Want pensioen voelt vaak als iets abstracts, iets dat zich pas aandient als je bijna met een zilveren jubileum bij je werkgever staat. Toch is het veel dichterbij dan je denkt. En belangrijker: het draait niet alleen om geld.

De vergissing die veel mensen maken

We zijn geneigd om pensioen te zien als een financiële rekensom: zoveel jaar gewerkt, zoveel ingelegd, zoveel krijg je straks. Maar dat is maar een deel van het verhaal. Pensioen is vooral een levensfase. Een nieuwe start, waarin tijd ineens belangrijker wordt dan deadlines.

Denk er eens over na: als je straks geen wekelijkse werkdruk meer hebt, wat ga je dan doen met al die uren? Voor sommigen is dat vrijheid in de puurste vorm. Voor anderen kan het confronterend leeg voelen. Je kunt maar beter van tevoren een beeld schetsen van hoe je die tijd wilt vullen.

Kleine keuzes van nu, grote gevolgen later

Wat ik vaak zie – en misschien herken jij dit ook – is dat mensen pas rond hun vijftigste echt wakker worden: “O ja, pensioen… misschien moet ik daar wat mee.” En dan voelt het alsof je achterloopt.

Maar eerlijk is eerlijk: het hoeft helemaal niet ingewikkeld of zwaar te zijn. Begin je eerder, dan kan zelfs een klein bedrag per maand op de lange termijn een groot verschil maken. Niet zozeer omdat je ineens rijk wordt, maar omdat je jezelf ruimte koopt. Ruimte om later keuzes te maken zonder dat geld meteen de spelbreker is.

Zelf de regie nemen

Wat ook veranderd is: pensioen is niet meer iets wat vanzelf geregeld wordt. Natuurlijk heb je AOW en vaak een regeling via je werkgever, maar steeds meer mensen – zeker zzp’ers – realiseren zich dat het verstandig is om ook zelf iets op te bouwen.

Daar zijn gelukkig genoeg manieren voor. Je hoeft geen expert in beleggingen of fiscale regels te zijn. Een partij als Evi van Lanschot laat bijvoorbeeld zien hoe je aanvullend pensioen kunt opbouwen op een toegankelijke manier. Niet omdat het ‘moet’, maar omdat het fijn is om te snappen waar je staat en wat er nog nodig is.

Pensioen en psychologie

Misschien nog wel belangrijker dan de financiële kant, is de psychologische. Een leven lang werken geeft structuur: je staat op, je hebt collega’s, je hebt doelen. Als dat ineens wegvalt, moet je zelf opnieuw richting geven.

Daar zit meteen de uitdaging: wat ga je doen met al die vrijheid? Een oude passie oppakken? Meer tijd doorbrengen met je (klein)kinderen? Misschien eindelijk dat boek schrijven dat al jaren in je hoofd zit? Het zijn vragen die je liever nu al stelt, zodat je straks niet in een zwart gat valt.

De realiteit van langer leven

Er is nog een factor die we vaak vergeten: we leven steeds langer. Waar pensioen vroeger misschien tien of vijftien jaar duurde, is het nu heel normaal dat je twintig of dertig jaar van je oude dag kunt genieten. Dat klinkt geweldig, maar het betekent ook dat je spaargeld of beleggingen een langere periode moeten overbruggen.

Dat is meteen een reden om eerder te beginnen. Hoe eerder je een potje hebt, hoe beter je voorbereid bent op die extra jaren.

Niet alleen cijfertjes

Laat ik je een voorbeeld geven. Een kennis van mij besloot tien jaar geleden om elke maand een relatief klein bedrag apart te zetten. Geen spectaculaire bedragen, gewoon iets dat hij makkelijk kon missen. Onlangs vertelde hij dat hij er bijna niet meer naar omkijkt, maar dat potje is inmiddels flink gegroeid. Het gaf hem een enorme rust: hij weet dat hij straks niet compleet afhankelijk is van wat de overheid of zijn werkgever hem geeft.

Het grappige is: hij praat nauwelijks over rendement of grafieken, maar over het gevoel van vrijheid. En dat is misschien wel de kern: pensioen is geen spreadsheet, maar een stukje levenskwaliteit dat je jezelf gunt.

Tot slot

Als je pensioen puur ziet als een spaarpot, wordt het al snel een saai onderwerp. Maar zie je het als een ontwerp voor je leven na je werk, dan wordt het ineens veel boeiender. Het gaat niet alleen om wat je later kúnt betalen, maar vooral om hoe je wilt leven.

Dus stel jezelf niet alleen de vraag: “Hoeveel geld heb ik straks nodig?” maar ook: “Hoe wil ik mijn dagen vullen?” Als je dat helder hebt, vallen de financiële keuzes vaak vanzelf op hun plek.

Laatste blog berichten